Na uw financiële uitgangspunten, productkeuze en dienst- of brokerroute moet alles nog één portefeuille worden. Daarvoor heeft u een beleid nodig voor de verdeling, spreiding, kosten, het onderhoud en de momenten waarop u iets wilt wijzigen.
Zo'n beleid geeft u later een referentiepunt. Zonder vooraf gekozen uitgangspunten kan iedere marktbeweging aanleiding worden om de portefeuille opnieuw ter discussie te stellen.
Heeft u uw beleggingsdoel, horizon en draagkracht nog niet vastgelegd, ga dan eerst terug naar Uw risicoprofiel vaststellen.
Ontdek welke dienstverlening en mogelijkheden u nodig hebt voordat u een broker kiest.
Een portefeuille kan verschillende economische blootstellingen combineren. Bepaal per onderdeel zowel de omvang als de functie die het in uw plan heeft.
Denk aan langetermijngroei, verwachte kasstromen of verplichtingen, beschikbare liquiditeit en de risico's die u bewust wilt dragen. Leg ook vast met welke productstructuur u de gewenste blootstelling krijgt.
Een aandelenfonds, obligatie, geldmarktfonds en goudpositie zijn geen blokken die alleen in hun risicocijfer verschillen. Ze reageren op andere economische factoren en hebben andere kasstromen, liquiditeit en productrisico's.
Asset-allocatie beschrijft hoe u vermogen over beleggingscategorieën en andere blootstellingen verdeelt. De gekozen verdeling beïnvloedt welke risico's in uw portefeuille het zwaarst wegen. Er volgt echter geen universeel aandelen-/obligatiepercentage uit alleen uw leeftijd of horizon.
Labels als defensief, neutraal en offensief worden vaak gebruikt om conventionele modelprofielen te beschrijven. Die voorbeeldmixen staan al op de pagina over uw risicoprofiel. Hier zijn ze geen voorschrift voor de portefeuille.
Ook de bekende claim dat één vast percentage zou aantonen hoeveel van uw uiteindelijke rendement door asset-allocatie wordt bepaald, gaat verder dan het onderzoek waarop zulke uitspraken vaak zijn gebaseerd. Dat onderzoek keek onder meer naar de variatie van portefeuillerendementen door de tijd. Daaruit volgt niet dat de concrete effecten of de implementatie nauwelijks verschil maken.
Voor de mechanismen en beperkingen gaat u naar Asset Allocatie.
Het aantal posities zegt op zichzelf weinig over de kwaliteit van de spreiding. Twintig aandelen kunnen sterk afhankelijk zijn van dezelfde sector of regio, terwijl een portefeuille met veel meer effecten nog steeds door één risicofactor kan worden gedomineerd.
Diversificatie werkt doordat posities niet allemaal hetzelfde reageren op economische schokken. Die samenhang is bovendien veranderlijk. Tijdens marktstress kunnen beleggingen sterker tegelijk bewegen dan historische gemiddelden deden vermoeden.
Spreiding kan concentratierisico verminderen, maar voorkomt niet ieder marktverlies en garandeert geen betere risico-rendementverhouding.
De onderliggende logica staat bij Diversificatie.
U kunt in uw portefeuillebeleid doelgewichten of bandbreedtes opnemen. Daarmee legt u vooraf vast wanneer een positie of beleggingscategorie ver genoeg van uw gekozen verdeling is afgedreven om opnieuw te beoordelen.
De percentages kiest u op basis van uw eigen beleid. De waarde van de regel zit vooral in het vooraf afgesproken beslismoment, zodat niet iedere koersbeweging een nieuwe discussie over de gewenste verdeling wordt.
Bij die keuze spelen onder meer doel, horizon, verliesdraagkracht, liquiditeitsbehoefte en productstructuur mee.
Stel dat u bij wijze van voorbeeld €50.000 wilt verdelen over 50% wereldwijd gespreide aandelen, 40% hoogwaardige obligaties en 10% direct beschikbare liquiditeiten. Dat betekent €25.000, €20.000 en €5.000. Zo'n verdeling is geen voorgeschreven ‘neutraal’ profiel, maar laat wel zien waarom u drie verschillende bedragen en functies apart vastlegt. Het contante deel heeft een andere taak dan de obligaties; het voorkomt niet dat aandelen of obligaties tussentijds kunnen dalen. Bij een echte portefeuille bepaalt uw eigen verliescapaciteit of die verhoudingen passen.
Dezelfde bruto marktbeweging kan netto anders uitpakken door verschillen in productkosten, transactiekosten, spread en marktimpact, valutaconversie, service- of beheerkosten, financiering en relevante fiscale of administratieve frictie.
Veel kleine aanpassingen kunnen daardoor relatief veel kosten veroorzaken. Omgekeerd kan een product met lage zichtbare kosten andere fricties hebben die pas bij uw eigen gebruik duidelijk worden.
De kostenlagen worden verder uitgewerkt bij Kostenbeheersing in beleggen.
Als onderdelen van de portefeuille verschillend presteren, verschuiven hun gewichten. Met herbalanceren brengt u de portefeuille terug richting de afgesproken doelgewichten of bandbreedtes.
Dat kan door te verkopen en bij te kopen. Nieuwe inleg kan soms ook naar achtergebleven delen worden gestuurd. Welke route praktisch is, hangt af van onder meer transactiekosten, belastingen, liquiditeit en de rekening waarop u belegt.
Herbalanceren beheerst in de eerste plaats de afwijking van het gekozen risicobeleid. Het garandeert geen extra rendement en er is geen kalender die voor iedere portefeuille werkt.
De Stappenplan-uitwerking staat bij Herbalanceren van uw portefeuille.
Achterblijven bij een benchmark bewijst niet dat het oorspronkelijke beleid fout was. Een sterk rendement kan juist het gevolg zijn van een positie die veel groter en riskanter is geworden dan u van plan was.
Kijk bij een periodieke beoordeling daarom ook naar veranderingen in doel, horizon en financiële draagkracht. Controleer de portefeuillewegingen, productstructuren, kosten, risicobronnen en de werking van uitvoering en administratie.
Een aanpassing van het beleid hoort bij veranderde uitgangspunten. Een slechte beursmaand vormt op zichzelf geen nieuw beleggingsplan.
Vooraf vastgelegde regels geven u iets om een voorgenomen wijziging aan te toetsen wanneer angst, euforie of recente koersbewegingen veel aandacht opeisen. Ze nemen emoties niet weg, maar maken zichtbaar of u nog volgens uw eigen uitgangspunten handelt.
Schrijf bijvoorbeeld op waarom u een bepaalde blootstelling heeft, welke afwijking een herbeoordeling vraagt en welke gebeurtenissen geen reden zijn om het beleid zelf te veranderen.
De gedragskant wordt verder behandeld bij Psychologie van beleggen.
Belastingen en fiscale wrappers kunnen invloed hebben op het nettoresultaat, de liquiditeit en de manier waarop u posities aanhoudt of verplaatst. Die regels zijn tijd- en situatiespecifiek en passen daarom niet als één vaste belastingaanname in een duurzaam portefeuillebeleid.
Leg wel vast welke rekening- of fiscale route u gebruikt en wanneer een wijziging daarvan aanleiding is om het plan opnieuw te beoordelen. De actuele hoofdlijnen staan bij Fiscale aspecten van beleggen.
Een bruikbaar beleidsblad hoeft niet lang te zijn. Zeven onderdelen zijn voldoende om de belangrijkste beslissingen vast te leggen:
Daarna kunt u ieder onderdeel verder uitwerken. Begin bij Strategieën voor portefeuilleopbouw en gebruik de andere pagina's in deze stap voor kosten, herziening, psychologie en fiscaliteit.
Een beleid is bruikbaar als u er later ook zonder nieuwe koersvoorspelling een beslissing mee kunt nemen. Noteer daarom niet alleen percentages, maar ook de reden waarom u dat geld belegt, welke betalingen u voorlopig niet met beleggingen wilt financieren en welke verandering aanleiding is voor een herziening. Dat kan bijvoorbeeld een kortere looptijd, een hogere noodbuffer of een wijziging in de eigenschappen van een product zijn. Beschrijf daarnaast wanneer u de verdeling controleert en hoe u kosten en belastingen meeneemt.
Een gediversifieerde beleggingsportefeuille samenstellen betekent het spreiden van uw investeringen over verschillende beleggingscategorieën, zoals aandelen, obligaties, vastgoed en cash. Dit helpt om het risico te verminderen en de kans op betere rendementen te vergroten. Om een gediversifieerde portefeuille samen te stellen, kunt u:
Bij het kiezen van beleggingsinstrumenten moet u rekening houden met:
Uw risicotolerantie is uw vermogen om risico's te accepteren en te dragen bij het beleggen. Om uw risicotolerantie te bepalen, kunt u:
De belangrijkste beleggingscategorieën voor assetallocatie zijn:
Om uw beleggingsportefeuille te optimaliseren op basis van uw doelstellingen en horizon, kunt u:
Fiscale overwegingen bij het samenstellen van een beleggingsportefeuille omvatten:
Om uw liquiditeitsbehoeften in evenwicht te brengen met uw beleggingsstrategie, kunt u: